RV

29 april, 2010

RV

Nu hebben we ze dus van dichtbij gezien. We hebben ze aangeraakt. We zijn er in geweest. De grote witte gedrochten die ze hier RV’s noemen. Recreational Vehicles. Campers, zeggen wij op z’n nederlands.

We zeggen al maanden dat we er een gaan kopen en hebben op internet gekeken en emails gestuurd en bedacht hoe groot en hoe lelijk, hoe mooi en hoe duur. Want daar gaan we een jaar in wonen en in rondtrekken. Is nog steeds het plan.

Naast de diepvrieswinkel waar we vanmiddag waren is opeens een auto- en RV-dealer gekomen, waar Tom niks van af wist. En Jonas bij Tom op z’n buik is nog niet te moe, dus we kunnen wel even gaan kijken We dwalen een tijdje tussen de witte stalen walvissen rond. Groot. Lelijk. Duur.

De dealer heet Larry en zou ook een oude cowboy kunnen zijn. Hij is rustig en vriendelijk. Met een zo’n klein jongetje hoeven wij niet zo’n groot bakbeest, zegt hij. Dat is voor als je zes kinderen hebt, zoals hijzelf. Als hij ons was dan zou hij deze overwegen. Hij heeft een grote bos sleutels in z’n hand en laat ons binnen.

Oef.

Er is Europees lelijk en er is Canadees lelijk en dat is nog veel lelijker.. Pluchen banken, nephouten kastjes, spiegels met krulletjes en dingetjes erop. TVmeubels, formica tafelbladen, plastic muren en hoogpolig tapijt. Te kleine luie stoelen. Nep-vergulde douchekranen. De kleuren varieren van bruinig naar beige-achtig met zachte accenten in vaalrose. Bloemen op de bank en bloemen op de stoelen, bloemen op het tapijt en kijk: hee, bloemen op de beddensprei.

Mooie RV’s bestaan niet. Groot en muf en duf en duur zijn ze. Maar toch, misschien die ene..  Die was niet zo erg… Wie weet. Als we hem dan een beetje verbouwen? En verven? En een beter bed, betere stoelen, boekenkastje, werktafel? Pick-up vrachtautootje om ‘m te trekken? En als ik er dan, in plaats van zo’n vies gestileerd berglandschap op de buitenkant, een walvisje op schilder..?

Dan noemen we onze reis toch nog Met Jonas In de Walvis..

(We hebben nog tijd zat, wordt vervolgd!)


Romantisch uitje

Romantisch uitje

‘Ieieieie!’ zei Lynn. ‘Ik heb nog nooit opgepast! Wat als hij wakker wordt en jullie zijn er niet?  Wat als ie dan gaat huilen wat moet ik dan doen? En als ‘ie poept? Ik heb nog nooit een luier verschoond! Ik doe het vast niet goed, he will hate me, ik weet het nu al. I’ll scar him for life!’

Maar ze wilde toch wel oppassen, die paar uurtjes. Tom moest z’n ogen laten controleren. En het was Jonas’ bedtijd. En ik kon wel thuisblijven en oppassen, maar…

‘Nee,’ zei Lynn, ‘ga nou maar, the two of you. We’ll be fine. Ik ga hem alleen niet verschonen denk ik. Of misschien nou ja  ik zie wel.’

Dus zaten we opeens weer eens voor het eerst sinds weken met ons tweeën in de auto. In Ottawa. In de regen. Net als we altijd in de auto in Ottawa in de regen zaten toen ik hier met hem woonde en we zo verliefd waren dat alles leuk was, zelfs naar de oogarts gaan…

En zo was het nu ook. Zo kort maar, maar zo fijn om even samen te zijn. Hand in hand, want zo’n auto rijdt eigenlijk vanzelf, reden we door de stad. De straten bloeiden open, de MacDonalds en de KentuckyFriedChicken lagen er lieflijk bij. De regen kletterde romantisch. Hand in hand zaten we samen in de wachtkamer. En als een jonge bruid wachtte ik tot Tom z’n oogdruppels in had, en later tot ze hem gecheckt hadden (alles OK). Romantisch pasten we alle rare brilmonturen die daar uitgestald lagen. Nee, zo ben je veel knapper. Nee, zo. Daarna romantisch naar de supermarkt om kip te kopen en salade-stuff.. Geen chocolade harten, want daar doen we niet meer aan. Maar waar heb jij zin in liefje, nee jij dan, wat wil jij dan..? Olijven, komijn, koriander. Zoenen op de parkeerplaats.

En dat was het wel weer. We belden: Lynn, we komen er aan!

‘O, fijn,’ zei Lynn. ‘Hij heeft maar heel even geslapen en zoveel gehuild.. Maar niet gepoept gelukkig… geloof ik tenminste… Hurry!’


Gisteren ook nog

27 april, 2010

Gisteren ook nog

Onder de koffie en de ananaspudding hoorden we het gegak.

‘De ganzen vliegen over,’ zei Derrick. ‘En kijk wat een zonsondergang!’

We kwamen naar buiten met onze kopjes. De wolken spiegelden zich in de rivier, blauw, rose met gouden strepen. Het was windstil en daar vlogen ze, in drie wijde V’s. Allemaal gakkend. Honking, zeggen ze hier, toeterend. Op weg naar het Noorden, naar de Hudson Bay.

Jonas, bij Tom op de arm keek ook naar boven.

‘Now you’re a true Canadian,’ zei Tom.


In bad

25 april, 2010

In bad

In bad bij tante.

Witgele verkleurde tegels. Zwarte randen langs de badkuip. Het warme water ruikt naar sulfer. Maar het is best drinkbaar, zegt aunt Edith. Niet giftig ofzo. Ik maak de flessen van Jonas met mineraalwater aan.

Oude restjes zeep. Panty’s die te drogen hangen. Een rubber kikker die Jonas van Jenny kreeg in de hoek van het bad. Een blauwe plastic krab. Schuim uit de fles ‘relaxing and soothing’. Helpt nog niet zo.

Mijn eigen benen. Morgen gaan we op dieet, Tom en ik. We hebben ons klem gegeten aan alles wat Canadees en lekker is. En de laatste weken in Nederland ook al. Maar nu is het afgelopen. Weer eens, voor de zoveelste keer.

Het boek over Zen dat ik lees. Zinnen over meditatie en wat het leven wel is en allemaal niet is en wat we denken dat het is. Maar niet zo’n zin in Zen.

Ga lekker in bad, zei Tom. Mij helpt dat altijd. Ik neem Jonas wel. Ik vang het bezoek wel op. Alweer bezoek. Alweer  vrienden, broer, andere mannen. Als kind ging ik altijd al boven zitten als er mensen kwamen. Brr ga weg ik wil niet ik wil niet. Dat zou zo langzamerhand ook eens afgelopen moeten zijn, ik zou  de leuke moeder van het verse kind moeten zijn en de stralende partner en de blije reizigster. Hellooo everybody how absolutely splendid to see you all, can I get you coffee and drinks and homemade pie?

Het water wordt koud. Ik was mijn haar en als ik boven water kom hoor ik het bezoek beneden. Ik ga er nog niet uit. Doe de warme kraan aan. Tom was altijd zo aardig voor mijn vrienden en had zoveel ruimte voor mijn dingen. Nu is het mijn tijd om dat terug te doen. Waarom ben ik nou niet aardiger en milder. Waarom moet altijd alles op mijn manier.

En als we zo beginnen.. Waarom schrijf je dit allemaal op? Zo schrijf je helemaal geen blog. Dat hoort  te gaan over de reis en de avonturen, over de leuke ontmoetingen, de grappige perikelen en de goede afloop en van je hela hola houdt er de moed maar in. Het land, het weer, de temperatuur.. Dat willen de mensen weten. Niet het gezeur van: ik zit met m’n superego in bad.

Ik zit met m’n superego in bad. Het is niet relaxing en niet erg soothing. Mijn hoofd voelt krap van alle boze gedachten.

Het helpt wel om te snappen dat het superego is. En dus niet allemaal waar. And not very helpful.

En zo is het.

En ik moet nog steeds wennen hier. En zo is het.

En het helpt om zo te schrijven, net als mijn zwangerschapsdagboek me hielp. Zo is het ook. Lees het dan maar niet. En over een tijdje gaat het misschien weer over: we hebben een eland gezien. Ofzo. Zijn hier elanden?

Ik ga zo lekker op bed liggen, oude Buffy’s kijken. Trouwens, Tom ging ook wel eens met een boek naar boven als er WEER vriendinnen op bezoek kwamen. Ik droog me af met een van de hele zachte handdoeken van aunt Edith. Het ruikt naar lamsbout uit de oven.

Misschien zo alleen maar eventjes hallo zeggen.


Jonas

Jonas

En Jonas, wat vind jij allemaal leuk aan Canada?

O er zijn zoveel prachtige trappen hier! De huizen hebben kelders en zolders en veranda’s, overal overal zijn trappen. Met spijltjes er langs om me aan vast te houden en om kiekeboe met mama door te spelen, met tapijt erop zodat ik veel  zachter val- maar ik val al bijna niet meer, ik kan er op, ik kan er af, al bijna zonder hulp. Ze lopen me wel altijd achterna, maar dat is meer voor gezellig denk ik, nodig is het niet.

Ik kan hier over het grasveld lopen, heel ver, en spelen met de stokjes en de blaadjes en Aunt Edith helpen graven in de tuin. En er loopt een grote zwarte hond rond die het niet erg vind als ik aan zijn oren trek of op zijn poten stap.

De nieuwe auto is fijn, met mijn eigen stoel. Ik heb een cupholder voor mijn appelsapfles en ik kan goed naar buiten kijken en alles zien. Alleen in de autowasserij vond ik het eng.

Het ontbijt in bed met cheerio’s elke morgen is ook leuk. Kleine ronde koekjes met een gat erin, waar melk  overheen moet, eigenlijk. Van mama mag ik ze niet zomaar uit de doos eten maar van papa wel, want hij doet het zelf ook.

Er zijn hier wel vijf telefoons en vier afstandbedieningen, waar ik niet mee mag spelen, maar altijd ligt er wel ergens een die ze vergeten zijn weg te leggen. En als je ze op de grond gooit springen alle batterijen er uit. Er is een hele grote televisie, even hoog als ik, die op de grond staat zodat ik alles erg goed kan zien als ik er vlak voor sta. En dan roept iedereen HEE of GA WEG! Dat is erg leuk.

En als iedereen zo in de rondte zit om naar de TV te kijken rol ik op het zachte tapijt heen en weer met een kussentje. D’r op, d’r af, d’r op. Of ik tingel met lepeltjes in een kopje of strooi alle kaarten en onderzetters in het rond. En dan kijkt iedereen naar mij en niet naar de televisie.

En aunt Edith is lief en luistert altijd aandachtig naar me. Dan knikt ze en zegt: You have a lot to say. En dat is ook zo. En papa en mama zijn er gewoon, de hele tijd en al mijn boekjes en speelgoed. Het ruikt hier anders en het ziet er anders uit, maar dat is gewoon lekker hetzelfde.


Doos

22 april, 2010

Doos

We hebben ‘m, we hebben ‘m terug!
Onze thuis zorgvuldig ingepakte doos-met-alles-er-in. Tom’s lievelingsboeken, mijn papier- en verfvoorraad voor een jaar, Rupsje Nooitgenoeg, EN mijn onvervangbare zwangerschapsdagboek.

Hij werd nu al weken vastgehouden bij Customs, op verdenking van verdachte inhoud. Dat krijg je als een linkshandige Canadees een nederlands formulier invult, een dove tante informatie door moet geven en een gestresste mama het trackingnummer thuis laat liggen.. Veel boze telefoontjes en emails en briefjes met nummers.

We moesten er uiteindelijk toch maar zelf heen. En alles is zo ver.. Dezelfde stad, maar wel anderhalf uur rijden verderop. We krijgen zo al een beetje oefening in onderweg zijn. In een hele mooie veel te dure gehuurde auto, met Jonas in zijn eigen stoel (de Caddilac onder de babychairs, zei de mevrouw in de Wallmart). Veel drive-thru’s, voor koffie, eten, voor de pinautomaat. Ooit zag ik er een voor een griepprik (Flu-shot-driver-thru) (eerlijk waar!) Veel groen land met grote boerderijen. Namen als Whispering Winds en Dryer Acres. Veel ruimte, zoveel ruimte. En om om de zoveel kilometer rijzen de grote betonnen Malls op, waar iedereen heen rijdt voor z’n boodschapjes. Ze zijn allemaal hetzelfde, zoals in Nederland de winkelstraten allemaal eender zijn, (van Roden tot Valkenburg: de Zeeman, het Kruidvat, de Hema). Hier heb je de supermarkt Loblaws, Tim Horton’s voor koffie, Chapters voor boeken (mmm! HEEL veel boeken!) Wallmart (voor alles) en Costco (voor alles in Hele Grote Hoeveelheden). In het centrum van Ottawa zijn wel winkeltjes, maar hier op het platteland alleen de reuzen-malls voor reuzen-boodschappen. Het maakt het land er niet mooier op.

Maar we hadden ons voorgenomen om niet meer gestresst te raken- in ieder geval niet meer allebei tegelijk. Als het lang zou duren dan moest dat maar. En als we nog meer zouden moeten betalen dan de 300 euro die het al gekost had om de doos in Canada te krijgen.. alla..En de Tim Hortonkoffie was heerlijk en Jonas speelde heel lief in zijn nieuwe caddilac..

En toen ging alles van een leien dakje. Kennelijk hadden we toch niet het uiterlijk van gevaarlijke smokkelaars. En Jonas liep verschrikkelijk schattig te zijn.. naar iedereen te lachen.. Tom hoefde zelfs zijn identiteitsbewijs niet meer uit de auto te halen. Nee hoor, is goed zo. Kost niks hoor, pak aan.

En Jonas kreeg nog een plaatje van een drugshond..


Bloeddruk

20 april, 2010

Bloeddruk

‘Look how wonderful!’  zei Tom, terwijl we met volgeladen winkelwagen uit de Shoppers Drugmarkt rijden. Niet wachten bij de kassa, rustig op de parkeerplaats, niemand die middenin het gangpad staat… It’s a great country.

Tom beweert dat het very Dutch is om midden op een drukke plek  waar iedereen langs moet (trappen, gangpaden, treinen, winkelderuren) rustig te gaan staan praten en het niet door te hebben dat iedereen zich langs je heen moet wurmen.

Het zou kunnen, soms merk ik dat ik het ook doe. Maar in deze winkels kan ik gaan staan waar ik wil en val niemand lastig. Er zijn misschien vijf klanten en wel dertig gangpaden. Tien keer het Kruidvat, zo’n winkel. We hebben van alles gekocht, babyzonnebrand en babymuggenspul. En je kunt er je bloeddruk laten meten in een soort fotohokje. Tom heeft dat gedaan en de zijne is inderdaad veel te hoog.

Dat dachten we al. Hij dacht het zelf al een hele tijd, maar de Nederlandse dokter zei dat het niet te hoog was, of niet voor Nederlandse maatstaven. Ook daar zit kennelijk een verschil tussen. En ze wilde hem er geen medicijnen voor geven. Ook very Dutch, by the way.

Maar sinds we hier zijn is Tom veel boos. Meteen van nul tot 150, als een glas valt, als iemand in de weg staat, als Jonas lastig is. En zo ken ik hem niet. Nou is er ook wel aardig wat gedoe geweest, de laatste dagen, van internet dat het niet doet, een Fedex-pakket (met mijn tekenpapier en mijn zwangerschapsboek!!!) dat onvindbaar is, veel logistiek gelazer met geleende auto’s en samen één rijbewijs en alles is hier zo ver uit elkaar…  Maar ik ben altijd degene die boos en gestresst wordt en wasmanden in elkaar trapt, niet Tom. Tom is the soul of equinimity.

Maar nu effe niet. En ik hoop maar wel dat het de bloeddruk is en nu met zijn oude medicijnen wat minder wordt, want het raakt mij nogal. Ik word er een beetje bibberig van, ga me zorgen maken en raak ook gestresst. Maar ik heb nog geen wasmanden in elkaar geschopt hier, een beetje praten en een wandeling maken helpt ook. De rivier is prachtig. Het weer is prachtig, warm, winderig, wolkerig.

En ik heb al een beetje gewerkt, nog zonder lichtbak en zonder scanner. Maar dat komt allemaal wel. Jonas is al twee keer erg bloederig gevallen (lip kapot en snee in zijn vinger) maar wij ouders zijn er meer van onder de indruk dan hij. Hij huilt even heel hard en loopt dan gewoon weer door. Hij is een bikkel. Hij is al bevriend met Mieke de enorme zwarte hond, en met iedereen die hij maar tegenkomt. Jonas is de meest relaxte van ons drieen. Hij is gewoon waar hij is.

Wij komen er ook wel..

PS Ik begrijp dat de vliegtuigen in Europa nu pas een beetje gaan wegvliegen. Stel je voor dat we tot nu toe in Frankfurt hadden moeten bivakkeren.. Over stress gesproken.. oef..

PPS We hebben waarschijnlijk gauw internet hier en kunnen gewoon op onze oude emailadressen mail krijgen. Maar commentaar hier is ook leuk.

PPPS Hee Jenny, goeie verhuizing morgen!!


zondag

18 april, 2010

zondag

Nee maar.

In het zonnetje, op de veranda met uitzicht op de Mississippi (bril ligtboven dus de Mississippi is een beetje vaag) met een koffie en de computer.. Dit is een zin zoals we die vroeger van Arie van den Berg niet mochten maken. In de zon op de veranda met de computer WAT? In mijn blog ben ik natuurlijk eigen baas. Maar toch..

Zit ik. Op zondagochtend. Terwijl kleine eekhoorntjes over het hek rennen. Dit te schrijven.

De regen lijkt voorbij. We zijn een beetje narrig opgestaan, maar dit maakt veel goed. Tom zoekt zijn oude spullen en kan van alles niet vinden en People have been fucking with his things. De twee kleine vrijgezellenkamertjes vol Tom-dingen zijn ook niet helemaal ingericht op een gezin. Matrassen en luiers op de grond en Jonas zit overal aan.

Voor mij is het wennen om om met het gezin niet meer op ‘mijn’ terrein te zijn. Hij is hier meer de baas, en dat was mijn positie. Het is wel precies wat ik wilde, een tijd wat meer achter hem aanlopen, maar zo makkelijk als je zoiets bedenkt gaat het niet in het echt. We moeten onszelf een beetje hervinden hier.

Gek, in dit huis was ik altijd meer het jonge verliefde meisje, dat alles van HEM leuk en herlijk vond, inclusief dove tante en dooie wasberen in de schuur. En nu is het anders. Niet dat ik niet meer verliefd ben, maar het is anders.

Volgens mij heb ik daarom ook zoveel meegenomen, ingepakt voor het meisje, armbandjes en lipstick- die ik eigenlijk thuis nooit draag, en ook practische vesten voor mama. En schoenen voor het avontuur.. help, wie ben ik eigenlijk hier?

Gisteravond waren Tony en Elena hier, een Russich/Amerikaans stel dat ook in Hummingbirdhouse woonde. Zij hebben nu een jongetje van twee, Savva, geboren vlak voor Tom naar Nederland kwam. De laatste keer dat Elena en ik elkaar zagen waren we meisjes (ik een beetje oud, maar toch nog meisje) en nu zijn we moeders. Het was ontroerend om elkaar zo te ontmoeten. Haar te zien moederen. En wat te praten over hoe leuk en heerlijk en vermoeiend en moeilijk het is om een man en een kind te hebben.

Hoe je soms uit elkaar ploft van liefde en dan weer van frustratie.

We’re mothers Elena, we’re mothers!

Jonas heeft een Enorme Doos vol kleren en schoenen van ze gekregen. Nu hebben we nog meer bij ons..

De zon is zacht, de rivier is prachtig en kalm. Misschien gaan we zo proberen wat te kanoen. Met Jonas in een zwemvestje. Als we durven…


Bij tante

Bij tante

Nu zijn we hier, in het miniplaatsje Appleton, waar aunt Edith woont. In een oude boerderij pal aan de rivier de Missisippi. Niet de echte Mississippi, maar zo heet ie wel.

Het is een echt oudemevrouwenhuis. Tjokvol porseleinen hondjes en kristallen poesjes en stokoude beertjes van zeep. Aunt Edith is 90 geworden dit jaar en ze doet alles elke dag hetzelfde. Van het gesmeerde boterhammetje ‘s ochtends en de vogels voeren ‘s middags (en die damn squirls wegjagen die de zaadjes stelen) tot ‘s avonds Jeopardy kijken met het geluid op 10. Want ze is ook erg doof.

En nu wonen wij hier ook, met onze enorme koffers (we hebben VEEL TE VEEL bij ons!) met alle babybenodigdheden en met en Jonas zelf . We hebben ons uitgespreid over drie kamers, want we slapen aan de kant waar geen water en geen kachel is, en een trap af, een gang door, de keuken door, een andere gang door en een trap weer op is de wc en de badkamer. En daar staan ook koffers. We waren hier gisteren een uur  en ik was al alles kwijt.

Jonas wilde alleen maar de trappen op,  met porselein gooien,  de kachel aanraken of pal voor de TV staan waar tante naar keek. Onze kamers waren in twee jaar niet gelucht en de ramen konden niet open, het matras was uitgeleend aan de buurman, het water smaakte naar zwavel en de reclame schalde door het huis.

En mama werd gek.

En was zo moe omdat ze al om 3 uur ‘snachts was opgestaan. En niks niks niks was goed en eigenlijk was het allemaal Toms schuld. (zijn land, zijn tante en ZIJN zoon tenslotte)

En arme Tom maar met antieke loodzware matrassen sjouwen en vieze hamburgers halen en bemiddelen en niet chagrijnig zijn.

O, wat was ik chagrijnig. En ik zie altijd ook wel dat dat niks oplost en dat het beter is gewoon adem te halen en van binnen wat ruimte te maken voor hoe de dingen nou eenmaal zijn.

Maar dat duurt soms even.

Nu is het de volgende dag, Jonas slaapt al lekker een uur en het huis is stil.

Ik haal adem en ik heb reuze veel ruimte voor hoe de dingen momenteel zijn (plezierig kalm en rustig).

Bloggen is fijn. Zijn jullie daar allemaal?


Vulkaan

16 april, 2010

Vulkaan

Daar zit ik dan, in Ottawa op de bank van Lynn en Gladys, met uitzicht op het Governor General park. Het is 7 uur in de ochtend en Jonas is al op sinds 3 uur. Wij dus ook. Nu slapen de mannen weer even, maar mama is wakker.

Als je reist duurt het even voor de ziel het lichaam heeft ingehaald. Zielen doen er langer over. En lichamen veel korter. Boem ! Daar zijn we.

Wij wisten het niet van de vulkaan en alle paniek op de vliegvelden. We zijn overal prachtig omheen gevlogen- en een paar uur later stopte al het vliegverkeer in nederland en duitsland. Gelukkig, verschrikkelijk gelukkig maar, want reizen met een eenjarig jongetje duurt al ongeveer twee keer zo lang als het  in het echt duurt.

Op schoot, van de schoot af, op schoot, speentje laten vallen tussen de voeten, speentje zoeken, speentje uitspugen, boekje lezen? Geen boekje, boekje op de grond, van de schoot af, nee, op schoot, flesje voor het opstijgen, flesje leeg, lolly voor het opstijgen, lolly uitspugen, lolly op de grond zoeken, haren er af likken, hoef geen lolly, vande schoot af, op schoot , je moet even op schoot blijven, van de schoot af, op schoot, nee jonas, je moet even op schoot blijven, van de schoot af, op schoot, huilen, 10 minuten om.

Arme lieve Jonas.  maar we hebben de overtocht gehaald en onze zielen naderen al. Nog een beetje onwennig en ook wel weer gewoon om hier  te zijn, om de hoek van het huis waar ik toch alles bij elkaar een half jaar gewoond heb. Ga zo even naar Loeb, de supermarkt, hetzelfde loopje dat ik hier zo vaak gelopen heb.

Vanochtend in bed de dvd bekeken van het feest. En alle mensen die ons goede reis wensten. Zoveel lieve dingen. Zoveel vriendelijkheid en gulheid en gevoeligheid.

Ik wil nog zoveel zeggen maar nog maar een klein beetje juice in de computer en kan m nog niet opladen. En ben nog moe. En in de war. En geraakt door vriendschap en liefde van daar en ook van die van hier meteen al, van Lynn en Gladys en Dan en Derrick.

Het wordt lichter. Veel vogels.
We zijn er we zijn er, hallo Canada!!